Cellist ARNE DEFORCE
 
 
 
 
>> bio >> agenda >> repertoire >> notes >> future >> press >> interviews >> orpheus >> contact
                 
                 

 

 

>> 

   
   
 
Witold Lutoslawsky 1913-1994 

Grave 1981 (6’) voor cello en piano

Met de metamorfoses voor cello en piano getiteld Grave, keert de Poolse componist Witold Lutoslawsky terug naar de dodecafone stijl van  zijn ‘Musique Funebre’ voor strijkorkest, waarmee het veel gemeen heeft. Beide werken tonen hoe een vrije vooral lyrische toepassing van Schönbergs twaalftoonsysteem, leidt tot een toegankelijke en ‘klassiek’ expressionistische esthetiek. Zoals Alban Berg in zijn dodecafone werken - bv. in zijn vioolconcerto - streeft naar tonale reminiscentie, horen we ook hier in de openingstonen d-a-g-a van de cello een tonaal gestructureerde aanvang van de twaalftoonreeks.  Het werk is volledig gebaseerd op de kwint. Grave is een epitaaf, een in memoriam aan de Poolse musicoloog Stefan Jarocinsky en dateert uit 1981.  Het stuk bestaat uit 11 metamorfoses (veranderingen) op een thema en ontwikkeld zich als een grote accelererende boog. Uit de donkere ernstige cellotonen groeit een dodenmars begeleidt door grimmige en sarcastisch klinkende akkoorden (ondertonen) in de piano. De cello speelt eerst langzaam reciterende motieven die zich ritmisch per variatie steeds meer versnellen tot uiteindelijk een razende en sterk geagiteerde climax wordt bereikt. Bijwijze van epiloog verschijnen ijl uit de verte, herinneringen van de begintonen, omweven door zachte impressionistisch klinkende campanellas. 

© Arne Deforce